Dienst geheel stil

In de winter kan er weer sneeuw vallen en dat kan zorgen voor problemen voor de tram. Een bizarre actie met drie locomotieven om de boel vlot te trekken loopt verkeerd af. Als dan ook nog de vierde locomotief in onderhoud is, dan rijdt er niets meer.

Donderdagmorgen omstreeks 10 uur is de stoomtram van Hardenberg op Dedemsvaart in de nabijheid van het station Hardenberg ontspoord. Door de sneeuwjacht had men drie locomotieven gebruikt om den weg vrij te maken. Alle drie locomotieven liggen thans in eene sloot terzijde van de lijn, waarvan een het onderst boven. Gelukkig zijn er geene persoonlijke ongevallen te betreuren, ofschoon een der machinisten geheel onder de locomotief lag en een ander van zijne machine werd geslingerd.
Daar ook de vierde locomotief defect is, staat de dienst thans geheel stil.
Het nieuws van den dag : kleine courant. Amsterdam, 18-2-1889
Dedemsvaart, 15 Febr. De sneeuwbuien der laatste dagen hebben de stoomtram verhinderd den dienst geregeld door te zetten. Ondanks de krachtige inspanning van het personeel heeft Donderdag de dienst geheel stil gestaan. Toen waren er 's morgens drie locomotieven uitgestuurd om den weg open te maken, maar dicht bij Hardenberg derailleerden alle drie en het heeft heel wat moeite gekost om ze weer gangbaar te krijgen. Ongelukkig was de vierde in reparatie.
Op dit oogenblik zit de eene machine nog in de sloot, maar de dienst heeft weer vrij geregeld plaats, daar de baan weer vrij is.
Provinciale Drentsche en Asser courant. 18-2-1889

Eenig ongenoegen

Ook agressie in het openbaar vervoer is van alle tijden :

Op 15 April jl. heeft er in de stoomtram van Dedemsvaart naar Avereest eenig ongenoegen plaats gehad. Onder de passagiers waren een viertal arbeiders uit Wezep, gem. Oldebroek, tijdelijk in de venen werkzaam. Een van hen vooral was erg rumoerig en ging zoover dat hij den conducteur G. J. Hutten die hem aanmaande bedaard te zijn, bij de keel greep.
Om hem uit den tram te verwijderen riep de conducteur de hulp in van den veldwachter K. Kits, die zich in den tram bevond. Toen begon echter't lieve leven. Alle vier de arbeiders grepen den conducteur en den veldwachter aan en deelden hun eenige slagen en schoppen toe; een ander passagier, die te hulp kwam, onderging hetzelfde lot en ook de machinist, A. G. Meier, kreeg van een der levenmakers een hevigen slag op de hand.
Gisteren voor de rechtbank ontkenden drie van de vier ook maar een vinger te hebben uitgestoken ; de vierde beweerde zich niets meer van de zaak te herinneren. Een en ander kon niet voorkomen dat het O M. het meerendeel der hun ten laste gelegde feiten bewezen achtte en tegen ieder van hen drie maanden gevangenisstraf vorderde.
Provinciale Overijsselsche en Zwolsche courant. 8-6-1889